Het mysterie rond het boshuis-12

Het mysterie rond het boshuis-12

Vanaf vrijdag 21 juni verschijnt het feuilleton “Het Mysterie van het Boshuis” van J.G. Sarenmas tijdens de zomermaanden. Exclusief bij SmaakvanWijn. Over leven, liefde, druiven en dood in de wijnwereld.

12) afgunst en jaloezie

Hans en Peter gaan de volgende avond naar huis. Girly herstelt goed, maar is onder de hoede van Karin bij het boshuis gebleven. Vera zit al achter haar bureau als ze bij hun kantoor arriveren. Hans loopt door naar de keuken. ‘Wil jij ook koffie, Vera?’ ‘Goedemorgen heren, ja lekker alsjeblieft. En, hoe was jullie lange weekeinde in het boshuis?’ ‘Nou,’ zegt Peter met een donkere stem, ‘niet zo geslaagd helaas!’ . ’Oh, hoezo dat dan? Wat is er gebeurd? Toch geen ongeluk?’ ‘Girly is vergiftigd’ vult Hans aan die met de koffie aan komt zetten. ‘Hè, wat zeg je me nu? Hoe vergiftigd? Is ze … is ze, ze leeft toch nog wel?’ vraagt Petra die net binnen komt en de laatste zin van Hans heeft opgevangen.

‘Ha Petra’, zeggen Hans en Peter. Vera zit doodstil op haar stoel, haar handen in de schoot. ‘Wat is er, meisje, voel je wel goed?’ Vera is lijkbleek, duwt met volle kracht haar bureaustoel naar achteren. ‘Nee, stamelt ze, ik weet niet, ik voel me opeens niet lekker’. Ze holt naar de wc aan het einde van de gang. Hans en Peter kijken vragend naar Petra. Die haalt haar schouders op en loopt achter haar aan.

‘Niks aan de hand, hoor,’ meldt ze bij terugkomst. ‘Gewoon een vrouwendingetje.’ Vertel op, wat is er met Girly, waar is ze nu eigenlijk? In een paardenkliniek?’
‘Nee, nee, ze is bij Karin in het boshuis gebleven.’ De mannen vertellen in geuren en kleuren het hele verhaal. Vera heeft inmiddels haar jas aangetrokken. ‘Ik moet even weg’, komt er fluisterend uit, ‘ben straks weer terug.’ ‘Is goed hoor. Rustig aan maar. Ik zet Tjakko wel even achter de desk tot je terug bent’, zegt Petra en staat op om de stagiair te roepen. Tjakko komt uit Friesland en volgt in Amsterdam een HBO studie Rechten. Nu is hij tijdelijk bij hun op kantoor voor zijn derde jaars stage geparkeerd. Een vriendelijke vent die geen opdracht te veel is. De rust keert terug en iedereen gaat aan het werk.

Buiten zit Vera op een bankje in het park. Haar mobiel in de hand. Wezenloos staart ze voor zich uit. Oh God, laat het niet waar zijn, laat het niet waar zijn. Ze ziet spoken. Dat zou hij toch nooit doen! Toch? Of …. ze weet het niet meer. Radeloos slaat ze haar handen voor haar gezicht. Weer ziet ze hem voor zich, hoe boos hij was toen ze vertelde over het boshuis. Over de wijnstokken die ze daar schijnbaar geplant hadden. ‘Wat denken ze wel, die wijnwijven’ had hij woest geroepen, ‘beetje frunniken in de tuin en dan met een wijnprimeur er vandoor gaan.’ Haar Bert, ze had hem nog nooit zo driftig, zo buiten zichzelf van woede gezien. Ze was er zelfs een beetje bang van geworden.

Ze hoort weer de stem van Peter die vertelt over het hachelijke avontuur van Girly. Lieve mooie Girly bijna dood. Vergiftigd door het eten van bladeren die een paard de dood in kunnen drijven. Waar is Bert dit weekeinde geweest? Hij ging een paar dagen helpen bij de nieuw aangelegde stadswijngaard in Teisze. Dat ligt redelijk dicht in de buurt van het boshuis, denkt ze. Logeerde bij wijnvrienden en zou vandaag weer thuiskomen. Dit is belachelijk. Ze ziet spoken! Waarom zou hij Girly vergiftigen? Dat is toch idioot. Maar zou hij bij het Boshuis zijn wezen kijken? Heeft hij Girly gezien, misschien even geaaid, wat lekkers willen geven en toen esdoorn ….. Oh God, het spookt in haar hoofd.
Het voelt absoluut niet goed. Ze kijkt op haar horloge. Geschrokken ziet ze dat het 10.30 uur is. Zit ze al een uur hier op het bankje? Ze is zo in de war. Ze staat abrupt op en steekt de straat over. Met gierende banden probeert de vrachtwagen die van links komt haar nog te ontwijken.

Terug in het boshuis

Zonder verdere incidenten gaat de nieuwe week van start en al snel is het ritme rond het boshuis weer normaal. Karin zorgt voor Girly die nu snel herstelt. Ze hebben het hele weiland nagelopen om te checken of er nog ergens iets van esdoorn te vinden is, maar het is op dat punt absoluut schoon en dinsdag zegt Jan dat Girly wel de wei weer in mag. Karin die op dinsdag en woensdag in de ochtend vrijwilligerswerk in een verpleeghuis doet, gooit haar in de middag in de wei. Heerlijk om te zien hoe levendig Girly weer is. Op woensdag komt Jan weer en zegt dat ze zo sterk is, zo goed opgeknapt is, dat ze eigenlijk wel weer bereden kan worden. Vlinders kriebelen in haar buik. Weer paardrijden in het bos. Oh, wat verlangt ze hier naar.

Als ze thuiskomt uit het verpleeghuis, drentelt ze door de keuken naar het terras en weer terug. Onrustig. Paco kijkt het allemaal aan, denkt er het zijne van. Volgt haar op de voet als ze naar de stal loopt en in de zadelkamer het zadel oppakt, en tegen zich aan drukt. Doet ze het of doet ze het niet? Angst kent ze niet, maar het voelt als ontrouw. Niño is dan wel al een jaar dood, maar leeft nog altijd in haar hart. Haar mooie zwarte ruin.
Een uur later galoppeert ze door het bos. Haren wapperend in de wind. Paco vol enthousiasme achter hun aan. Tranen stromen over haar wangen. Wat heeft ze dit gemist. Waarom is Niño er niet meer? Met een dik brok in haar keel, dat ze niet weg kan slikken, denkt ze en waarom, waarom is Carl er niet meer?

JG SarenmasDeel 13):
9 juli

 

 

*Dit feuilleton is verzonnen. Namen, personen en gebeurtenissen en locaties zijn volledig aan de fantasie van de schrijver ontsproten en elke overeenstemming met de werkelijkheid berust op toeval. Met uitzondering van wijnen en druivenrassen.