Huiswijnen moeten beter

Huiswijnen moeten beter

Huiswijnen zouden het ‘visite’-kaartje van de horekaffers moeten zijn. Maar wie eens nagaat of dat ook zo is, moet vaak van pure ellende een dag verzuimen. Zuur, schraal, dun en vooral goedkoop. Want het gaat de ondernemer eerder om de marge dan om het drinkplezier van z’n gasten. Inkoop liefst beneden de tweeëneenhalve euro. En dan voor het tienvoudige op de kaart, met een uit de duim gezogen beschrijving. Nou, bij ons gaat dat anders, hoor je bij de concurrentie. Daar doen ze aan klantenbinding. Inkoop drie euro en net beneden de twintig op de kaart. Loopt als een trein, zeggen ze. Een beetje proever weet ook hier na twee slokken al genoeg. Geld weggegooid. Net zo goed een ordinaire poging tot graaierij. Let wel: poging. Want wie er één keer is ingetrapt, heeft er voorgoed z’n bekomst van.

Luiheid
Dom dus van zo’n gastronomische interieurverzorger. Vaak een kwestie van luiheid bovendien. Wie zich laat aanpraten wat z’n wijnleverancier het liefst aan hem slijt, wil kennelijk niet zelf de regie houden. Hij laat dan toe dat z’n restaurantklanten of terrastijgers krijgen opgedrongen wat die wijnboer het beste uitkomt. Het is al zover gekomen dat de Wine & Food Association van de naam ‘huiswijn’ af wil, omdat de ‘betere’ restaurants daar niet meer specifiek voor kiezen. Die schenken doodgewoon een wijn van de kaart, als er naar huiswijn wordt gevraagd. En dat zijn meestal wijnen die niet meer tot de categorie ‘meuk’ worden gerekend en een redelijk ‘instapniveau’ hebben. Iets duurder, dat wel. Maar dan kun je de andere dag ook ongeschonden naar je werk.

Met klanten
Wat kan die luie horekaffers nou worden aangeraden om meer, in  plaats van minder klanten binnen te krijgen en te houden? Ze zouden eens van tien verschillende importeurs wijnen tussen de vier en zes en een halve euro kunnen opvragen om die met een kern van geregelde klanten kritisch door te proeven. Flessen blinderen, wijnen op correcte temperaturen schenken en (niet al te gedetailleerde) proefnotities laten maken. De flessen die het eerste leeg zijn, gelden als maatstaf voor de waardering. De rode, witte en rosé die daar als ‘finalisten’ uitkomen, maken dan meer kans bij een breed publiek dan wanneer het cliënteel tot dwangdrinker wordt gedegradeerd. Daarbij is het dan wel zaak de prijs vriendelijk te houden. Laten we zeggen maximaal 4 euro voor een glas van 15 centiliter.
 
Bediening
Maar dan zijn we er nog niet. Ook in de bediening moet het goed gaan. Leren de juiste koeling in te stellen. Schenken in uitnodigende glazen en niet op z’n grootgrutters’. Desgevraagd de fles tonen en er ook iets over weten te vertellen. Kleinigheden maar belangrijke bouwstenen voor een goed gastheerschap. Waarom worden die zaken dan lands-breed zo genegeerd? Mij lijkt hier een schone taak te liggen voor Koninklijke Horeca Nederland. Want het voorkomen van faillissementen in deze branche heeft niet alleen met de kostenstructuur te maken. Ook met het inlevingsvermogen van de horeca. En wie uit recent onderzoek kennis heeft genomen van de ‘belevingsverschillen’ die er kennelijk tussen uitbater en klant bestaan, weet dat de wereld ook in dat opzicht nog niet af is.

==============================================================================

john bindels column

John Bindels, wijnjournalist: Hoofdredacteur Wijnwijs.eu Ulicoten, journalist en landelijk bekend wijncolumnist. Hij publiceerde eerder honderden columns in de rubriek WIJNWIJS op de website Lekker Wijntje, die is overgegaan naar Bythegrape. Hij is ook de auteur van het boek ‘Wijn met prik’. En werd in 2010 winnaar van de Oeuvreprijs Award wijnjournalistiek voor spraakmakende columns in een speciale stijl.

1 Reactie

  • Margo Samaras Posted 16 mei 2013 14:26

    Zo mee eens! En die omrekenfactor, daar moeten we ook eens vanaf, zodat goede wijnen voor iedereen bereikbaar worden!

Reageren is niet mogelijk.