Prijs – en kwaliteits verschillen in wijn

logo_WIJNinstituut_NLAndré Sauerbier, oprichter en eigenaar van het Wijninstituut, van huis uit econoom, laat zijn licht schijnen over de soms ingewikkelde kwesties rond de verschillen in prijs en kwaliteit! in de wereld van de wijn.

Wijn is een ingewikkeld product. Er zijn miljoenen producenten in meer dan 50 wijnlanden die elke jaar vaak meerdere wijnen maken. Elke wijn is – elk jaar weer – ook nog eens anders. Jaarlijks komen er meer dan 40.000 nieuwe wijnen op de Nederlandse markt. Een onoverzichtelijk aanbod, zeker als je nog aan het zoeken bent wat je lekker vindt. Met grote regelmaat krijgen wijndocenten de vraag: “Is duurdere wijn beter?” En vervolgens: “Kan heel goedkope wijn ook goed zijn?“ en “Zijn cursuswijnen altijd duurdere wijnen?” 

Kostprijs en consumentenprijs
Ik zal hier – zo bondig mogelijk – de oorzaken van prijsverschillen op een rijtje zetten en bespreken. Er is een onderscheid tussen de productiekostprijs en de consumentenprijs. In deze blog ga ik in op het ontstaan van deze prijsverschillen in de consumentenprijs van wijn. Het verschil in de (productie)kostprijs van de wijn bepaalt allereerst het verschil in consumentenprijs. Maar er is meer…

De producent
Aan het streven van een producent naar een bepaalde smaakstijl (geconcentreerd, houtgerijpt etc.) of een bepaalde kwaliteit liggen vaak kostprijsverschillen ten grondslag. Het ontstaan van de prijsverschillen is in de eerste plaats terug te voeren op de honderden beslissingen die een wijnmaker jaarlijks maakt gedurende het groeiseizoen in de wijngaard en tijdens het productieproces. Handmatig of machinaal oogsten (goedkoper), het terugsnoeien naar een geringere oogst (minder opbrengst bij gelijke kosten) zijn voorbeelden van invloeden in kosten in de wijngaard. In het wijnmaken zijn lange gistingsprocessen op lage temperatuur een voorbeeld van hogere kosten, maar ook het gebruik van nieuwe houten vaten (duur). tonnelerie bourgogne

 Productiemiddelen
Een ander facet in de kostprijsverschillen is de kostprijs van de grond en meerjarige investeringen in productiemiddelen. De plaats (kwaliteit bodem, bekendheid) en aanlegkosten van de wijngaard hebben invloed op de aankoopkosten van de wijngaard. Zo is een hectare wijngaard in St. Émillion duurder dan een wijngaard in de Duras. En kan een hectare in de Côte Rôtie (hellingen) ook niet goedkoop zijn. Ook hebben investeringen in meerjarig te gebruiken productiemiddelen grote invloed op de kostprijs van wijn. Investeringen in bijvoorbeeld dure, geavanceerde persen drukken op de kosten per liter wijn.

Hoe groter, hoe goedkoper
Vervolgens zijn er de “economies of scale”. In het algemeen: hoe groter de wijngaard, hoe lager de kosten per liter. Een liter wijn van een producent die 10 hectarewijngaard heeft, zal meestal duurder zijn (kostprijs) dan de wijn van een wijngaard van een bedrijf van 400 hectare. De laatste zal een lagere kostprijs hebben door betere efficiency en verdeling van de vaste kosten, die over meer liters verdeeld worden.

Marketingkosten
Er is nog een redelijk nieuwe kostprijscomponent: de marketingkosten. Deze kosten zitten in de kostprijs van die wijnen waarvoor flink reclame wordt gemaakt. Een merk ‘bouwen’ kost veel geld en vooral als er maar weinig flessen worden gemaakt, kan het per fles flink oplopen..

Handelsmarges
De laatste factor in het bepalen van de consumentenprijs is de marge van de handelspartijen van producent tot en met de winkel. Hoe minder schakels, hoe beter. Hoe lager de marge per schakel, hoe lager de winkelprijs kan zijn. Verschillen in marge vinden hun oorzaak in de praktijk in de verschillende distributiekanalen, met ieder een eigen functie en serviceniveau. Voor wijn zijn dat grofweg discounters (ca. 25%), supermarkten en ketens (ca. 60%) en wijnspeciaalzaken (winkel en internet, ca. 15%). Deze hebben elk hun eigen kostenstructuur en specialisatie. Door hun specifieke kenmerken hebben deze drie kanalen ook een eigen margestructuur en -hoogte.

Wereldmarkt: Vraag en aanbod
Tot zover duidelijk, maar er is nog een ander aspect dat de winkelprijs bepaalt. De inkoopprijs van een liter wijn wordt namelijk niet altijd door de kostprijs bepaald maar ook door de wereldmarktprijzen. Dus door vraag en aanbod. Wijn is een wereldmarktproduct geworden. Zeker als het om grote hoeveelheden gaat. Is het aanbod groter dan de vraag, dan kan de wereldmarktprijs ONDER de kostprijs belanden. Zo gebeurde ook de afgelopen jaren en zeker nu. Veel wijn wordt momenteel ONDER de kostprijs verhandeld. Daar is geen schuldige voor aan te wijzen. Of het moet de consument zijn die te weinig drinkt. Of de producenten die teveel wijn maken. Historisch gezien is deze situatie altijd tijdelijk. Het aanbod past zich binnen een paar jaar aan de vraag aan. Het aanbod van wijn wordt door faillissementen en het rooien van wijngaarden verlaagd. De prijs stijgt weer boven de kostprijs. Alleen doorlopende subsidies kunnen dit mechanisme verstoren. Dat gebeurt in Europa en niet in de Nieuwe Wereld, waar een wijnboer na twee slechte financiële jaren meestal stopt.

1994 , 1996

1994 , 1996

Is duurder altijd beter…?
Nu terug naar de vragen. Is een duurdere wijn altijd beter dan een goedkopere. Neen! ‘Ecomomies of scale’ in de productie en besparingen in vervoer en verpakking hebben de kostprijs per liter van grote partijen wijn sterk doen dalen. Daarbij doet de overproductie ook een flinke duit in het zakje. Tot slot geldt dat de margestructuur en –hoogte van discounters en supermarkten zijn veranderd. Minder schakels, samengevoegde en geminimaliseerde inkoopafdelingen en het nemen van minder marge door vooral de discounters leiden tot veel lagere prijzen. Samen met voortdurende kwaliteitsverbeteringen in de wijngaard en de vinificatie, is het mogelijk tegen lagere prijzen dan vroeger goede wijn te kopen die ook nog eens lekker is.

Ruim aanbod
Naar deze ontwikkeling wordt door traditionele wijnkanalen meestal negatief aangekeken. Ondertussen is de Nederlandse consumptie de afgelopen 10 jaar fors gestegen. Daaraan ligt ten grondslag onder andere het feit dat wijn meer bereikbaar is geworden voor een grote groep consumenten. Maar ook de service en educatie van de traditionele kanalen dragen daaraan bij. In prijssegmenten is de markt duidelijk over de kanalen verdeeld. De consument kiest, èn heeft in Nederland een zeer ruim aanbod van wat er wereldwijd te koop is.

De keuze voor de consument is groter geworden, het aanbod is groter, de prijsrange is groter, er zijn meer aanbieders. Dat klinkt erg positief. Maar kiezen en vergelijken is niet gemakkelijk. Wat is er allemaal verkrijgbaar? Wat vind ik lekker? Waar kan ik het kopen? Allemaal vragen waar een onafhankelijke wijncursus de liefhebber bij de hand neemt. Geen beperkingen door assortimenten van winkels en dus ook met goedkopere wijnen uit alle kanalen. Dat geeft de cursist een goed beeld van wat er in de diverse kanalen en in de verschillende prijsklassen te koop is. U leert kennen wat u lekker vindt. En waarom. Soms is dat een dure wijn, maar dat hoeft helemaal niet. Inzicht in het ontstaan van prijsverschillen kan helpen bij het maken van keuzes.


andre 1
Over André Sauerbier
André Sauerbier startte in 1995 met het Wijninstituut, dat sindsdien is uitgegroeid tot een begrip in de wijnwereld. Het Wijninstituut is onafhankelijk en organiseert wijncursussen, proeverijen en evenementen. Als wijndocent streeft hij ernaar om op alle niveaus in begrijpelijke taal over wijn (en spijs) te praten. U kunt André volgen op https://twitter.com/andrewijn  of op de facebookpagina van het Wijninstituut:

1 Reactie

  • Migchel Dirksen Posted 3 april 2013 14:01

    een goed verhaal. het nodigt uit je verder in deze materie te verdiepen.

Reageren is niet mogelijk.