Uit het druiven kabinet: Carmenère

Het verhaal gaat…..dat ooit, in een ver verleden, de Chilenen een fantastisch druivenras ontdekten in hun wijngaarden waar ze sprookjesachtige, zoete, maar toch ook kruidige rijpe wijnen van konden maken. Een wijn die niet wrang of zuur was, niet uitsluitend naar bessen of kersen smaakte, niet … alles gewoon niet…maar juist wel vol, rijp, dik en weelderig was met een intense geur van rijpe pruimen.

Ze noemden de druif liefkozend ‘Merlot’! En ze leefden nog lang en gelukkig! Totdat op een kwade dag – uit Frankrijk overgevlogen – de Franse tovenaacarmenlogo_137_220r Jean-Michel Boursiquot eens op bezoek kwam. Hij dwaalde door de wijngaarden van Viña Carmen waar de jonge Alvaro Espinosa werkzaam was. Espinosa segmenteerde druiven in aparte stukken van de wijngaard om hun groeiwijzes beter te leren begrijpen. Maar van een enkele druivenstok raakte hij bepaald onderste boven. Het leek een soort merlotachtige, maar toch ook weer niet…

In 1994 viel het verlossende woord, zijn voorgevoel kwam uit. Bourisquot identificeerde de druif als zijnde de wat treurige carmenère uit de Bordeaux. Droevig in die zin dat het in het natte Bordeaux nooit echt iets geworden is voor deze druif, gevoelig als hij is voor coulure, voor millerandage. Eigenlijk een flauwe spelbreker die best gemist kon worden.

by Christian Callec De Fransman, aldus dwalend door de wijngaarden en waarschijnlijk door Espinosa geattendeerd op de vreemdsoortige ‘merlot’ zag aan de vorm van het blad, de kleur van de bladeren en het bijzondere stampertje met meeldraden  (verdraaid in plaats van recht) in de bloemen van de stok dat het hier inderdaad niet om merlot, maar om carmenère moest gaan! Meegenomen door de Fransen in de 19e eeuw om de Chileense wijngaarden te voorzien van de benodigde grondstoffen voor de zogenaamde ‘Bordeauxblends’. In die tijd nog verkregen door de oude stijl van gemengde aanplant van verschillende blauwe rassen toe te passen. Beetje jammer is het dat op dat moment de druif merlot goede sier maakte en vooral ook veel naar Amerika werd verscheept. Maar zoals alle sprookjes liep ook dit goed af. Van een verschoppeling in de Bordeaux werd de carmenère uiteindelijk de prins op het witte paard voor Chili!

“Few people have witnessed the rise of organic and sustainable viticulture as intimately as Emiliana Vineyard’s Alvaro Espinoza. He was at the genesis of the Chilean movement, when organic grape farming elsewhere in the world was still in its infancy.”

 

chili peper

 

Tot slot, carmenère in het kort!

Ontstaan: ergens bij de Gironde. De druif wordt hier voor het eerst genoemd in Bergerac onder de naam Carmeynere, samen met de cabernet franc, die dan Carmenet heet. (WG).

Herkenbaar in Chili als de late rijper. Pas zo’n vier tot vijf weken na de merlot!

Smaak: zwarte peper, chocolade, donker fruit, rijpe donkere pruimen! Voorwaarde voor een mooie zwoele, krachtige wijn is absoluut rijpe druiven! Anders laten de groene tonen te veel van zich spreken.

NB: China wordt een belangrijke medespeler op de carmenère kaart! Nu al is er zo’n 1500 ha aan wijngaard beplant met deze druif.

En waar drink je deze wijn bij:

Gevogelte met rood vlees als wilde eend, of struisvogelbiefstukjes in een groene pepersaus.  Maar natuurlijk ook bij rundvlees zoals een tournedos of een entrecote in rode wijnsaus. Wil je je kaasplateau er mee verrassen? Kies dan voor de oudere, harde kazen, helemaal perfect. Lekker van die biologische boerenkaas! Probeer het maar eens.